De handjes die verschijnen, geven daarna weer wat welk lampje waarvoor dient.
De link aan de verschillende lampjes zal ik later toevoegen
Brandstofmeter
De inhoud van de brandstoftank is circa 60 liter (bepaalde modellen hebben als extra uitrusting een 80 liter tank).
Als het lampje in hetr instrumentenpaneel brandt, is er nog circa 6 (4) liter brandstof in de tank.
Quartz klok
Het klokje werkt electrisch en loopt op de accu.
Nulstelknop dagteller
Hiermee kan de dagteller op nul gesteld worden.
Dagteller
Met de dagteller kunnen korte afstanden opgemeten worden. Het rechter cijfer geeft hectometers (100 meter) aan.
Druk het knopje in om de dagteller op nul te zetten. Als de dagteller een rood 100-meter wieltje heeft,
zijn de snelheidsmeter, inclusief de dagteller en kilometerteller, vervangen.
De meterstand en het tijdstip voor het vervangen staan in het Garantieboekje.
Toerenteller
Deze geeft het motortoerental in duizend omw/min aan. Het rode gebied mag niet gebruikt worden.
Het hoogste toegestane continue toerental is 6000 omw/min. (in dit specifieke geval, bij een diesel kan dit anders zijn)
Temperatuurmeter
Als de wijzer steeds naar het rode gebied gaat of erin blijft staan, moet u het koelvloeistofpeil en de
aandrijfriemen onmiddelijk controleren: Zie instructieboekje.
Zie voor verdere wenken voor het koelsysteem tevens het instructieboekje.
Remcircuit buiten werking
Wanneer het lampje tijdens het rijden of remmen gaat branden, is het remvloeistofpeil te laag.
Ga onmiddel stilstaan en controleer het niveau in het remvloeistofreservoir (waar dit zit, staat
op de achterkant van het instructieboekje). Als het niveau in het gehele reservoir onder MIN ligt; rijdt
niet verder maar laat de auto voor controle en reparatie naar een werkplaats slepen.
Storing in de zuivering van de uitlaatgassen
Als na het starten van de motor het lampje blijft branden, heeft een van de diagnosesystemen
in het brandstof- ontstekingssysteem van de motor een storing ontdekt.
Door de storing beantwoordt de motor vermoedelijk niet aan de geldende voorschriften voor
de zuivering van uitlaatgassen. Rijdt voor controle naar een Volvo-werkplaats.
Oliedruk te laag
Als het lampje onder het rijden brandt, is de oliedruk van de motor te laag.
Zet de motor onmiddelijk af en controleer het olipeil in de motor, zie hiervoor het instructieboekje.
Na zeer snel rijden kan het lampje gaan branden, als de motor weer stationair loopt.
Dit is heel normaal, als het maar uitgaat als het motortoerental opgevoerd wordt.
De dynamo laad niet bij.
Het lampje brandt, als de dynamo niet bijlaadt. Als het lampje onder het rijden gaat branden,
zit er een storing in de electrische installatie of zijn de ventilateurriemen slecht gespannen.
N.B.! Als de ventilatorriemen stukgaan of zo slecht gespannen zijn, dat de dynamo niet bijlaadt,
gaat niet alleen dit lampje, maar ook 12, 13, 14 en 15 branden.
Dit komt door speciale wettelijke voorschroften in bepaalde landen en is dus heel normaal.